Donderdag 23 februari 2012
Nieuws
Agenda
Actueel
Overzicht cursusaanbod op alfabetische volgorde
Handhavers: maakt u tijdens uw werk gebruik van een smartphone?
 
cursus-RTGB-cursisten-oefenen-grepen 13.jpg
Nieuws arrow Actueel arrow Actueel arrow BOA bevoegdheid bij C-borden
BOA bevoegdheid bij C-borden PDF Afdrukken E-mail
Bord C12. Verboden voor auto's en motorfietsen, ma-vrij van 6-9 uur
Over deze bevoegdheid zijn sinds de wijziging van de Circulaire BOA op 10 januari 2011 de nodige vragen bij ons binnengekomen.

Wij hebben ons oor te luisteren gelegd bij het ministerie van Veiligheid en Justitie en kregen daar de volgende uitleg.

De BOA's in domein I zijn op grond van de circulaire d.d. 10-01-2011 bevoegd om naast het stilstaande verkeer (parkeren) op te treden tegen rijdend verkeer zoals bedoeld in de artikelen 4, 5, 6, 10, 60, 62 en 82 RVV. De handhaving van artikel 62 RVV is beperkt tot de C-borden omdat het afgelopen jaar meerdere malen door het OM en de Politie is geconstateerd dat een aantal werkgevers in het domein Openbare Ruimte handhaven op feiten die zijn voorbehouden aan de politie (te denken valt aan snelheid, rood licht etc.). Om dit tegen te gaan is er in overleg met OM en politie besloten de omschrijving van de bevoegdheden voor de Wegenverkeerswet 1994 en het RVV 1990 aan te passen. De huidige zin in de circulaire van 22 januari is daar de uitkomst van:
2. Wegenverkeerswet 1994 m.b.t. stilstaand verkeer m.u.v. art. 4, 5, 6, 10, 60, 82 RVV 1990 en artikel 62 RVV voor zover het C-borden betreft, in relatie tot de openbare orde.

Bij artikel 62 RVV 1990 heeft de minister naar aanleiding van bovenstaande constateringen het optreden beperkt tot de C-borden in relatie tot de openbare orde. Dit houdt in dat de handhaving van de C-borden dient plaats te vinden vanuit de openbare orde problematiek en niet de verkeersveiligheid.

Het College van P-G’s voegt hier in een brief van 12 april 2011 aan toe dat het zich realiseert “dat het criterium openbare orde versus verkeersveiligheid in de praktijk soms moeilijk is te operationaliseren. Verkeersborden hebben immers weinig met openbare orde te maken. Het criterium openbare orde dient echter zo te worden verstaan dat daaronder tevens het tegengaan van overlast valt, bijvoorbeeld door sluipverkeer, en het verbeteren van de leefbaarheid, bijvoorbeeld door bepaalde gebieden af te sluiten voor (vracht)auto’s, de zogenaamde milieuzones.”

Een voorbeeld: Wanneer er een geslotenverklaring (artikel 62 RVV 1990 juncto bord C6) geldt in een bepaald winkelgebied, dan is een BOA domein I (die handhaving van de verkeerswetgeving in zijn taakomschrijving heeft staan) bevoegd hiervoor op te treden. Handhaving van de openbare orde in de winkelgebieden is namelijk zijn werkterrein. Wanneer dezelfde boa op een buitenweg een geslotenverklaring ziet en iemand is daar in overtreding, dan is hij niet bevoegd op te treden. Dit is namelijk niet zijn werkgebied, het betreft hier immers niet de openbare orde, maar de handhaving van de verkeersveiligheid. Dit is voorbehouden aan de politie.

Een boa in het domein Openbare ruimte moet dus kijken naar zijn feitelijke functie, namelijk handhaving van de openbare orde. Wanneer er vervolgens in zijn handhavingsgebied een C-bord uit het RVV 1990 staat, dat bedoeld is om de openbare orde te bevorderen en de veiligheid van de burger in het betreffende gebied te beschermen, dan mag de betreffende boa daarvoor optreden.
 
< Vorige   Volgende >